Smaak en reuk

Hoe werkt je smaak en reukzintuig?

Wat is smaak eigenlijk?

De vijf basissmaken

Met de tong kun je slechts vijf basissmaken waarnemen,namelijk: zoet; zuur; bitter; zout en umami Hoe is het dan mogelijk, dat we toch heel veel andere smaken kennen dan alleen deze vijf soorten? De andere ‘smaken’ die we proeven, nemen we waar met andere zintuigen (de reuk) of zijn combinaties van de vier basissmaken.

Wat is smaak?



smaak

Als we onze reuk zouden kunnen uitschakelen, zouden we alleen de vijf basissmaken of combinaties daarvan proeven. Deze vier basissmaken proeven we met onze tong. Aan de oppervlakte van de tong liggen de zogenaamde smaakpapillen . De smaakpapillen zijn zintuigcelle waarmee we de verschillende basissmaken proeven. Deze liggen op verschillende plaatsen op de tong. Proeven doe je met smaakknopjes of pappillen, dit zijn zintuigcellen. Deze cellen worden geprikkeld door voedsel en zijn alleen gevoelig voor de 5 smaken. Deze smaakstoffen zijn dus prikkels. Je zintuigcellen maken van deze prikkels impulsen die via je sensorische zenuwen bij je hersenen komen. Je proeft dus eigenlijk met je hersenen.

Wat is Umami?

Reuk


De meeste stoffen kun je niet met je tong proeven, je "proeft" ze alleen als je ze ruikt. Als je zo'n stof op je tong doet terwijl je de neus dichtknijpt, proef je de stof veel minder goed. De geur kan dan alleen nog via de open verbinding tussen de mondholte en de neusholte bij het neusslijmvlies komen. Ruiken doe je met het neusslijmvlies in je neus. Daar zitten zintuigcellen die op verschillende geuren reageren. Deze zintuigcellen gaan impulsen maken als ze in contact komen met een bepaalde stof, of geurende gassen. Deze impulsen gaan dan via sensorische zenuwen naar je hersenen. Je proeft dus eigenlijk met je hersenen.


Het belang van ruiken


Kader en GL verdieping

Drempelwaarde

In zintuigcellen ontstaan alleen impulsen als een prikkel sterk genoeg is. We noemen de kleinste prikkelsterkte die een impuls veroorzaakt de drempelwaarde. Als een prikkel zwakker is dan de drempelwaarde ontstaan geen impulsen.





Adequate prikkel

Adequate prikkel: het type prikkel waar een zintuigcel speciaal gevoelig voor is. Voor deze prikkel heeft de zintuigcel een lage drempelwaarde. De drempelwaarde is niet altijd even hoog.
Zo zijn bijvoorbeeld de zintuigcellen van je oog gevoelig voor licht, maar als je een harde klap op je oog krijgt geven ze ook impulsen door (je ’ziet sterretjes’).
Ze zijn dus ook wel gevoelig voor die klap. De prikkels die de lichtzintuigen doorgeven worden als licht ('sterretjes') ervaren, omdat het bericht in het deel van de hersenen terecht komt, waar beelden verwerkt worden. Die dreun is een niet-adequate prikkel voor je oog-zintuigcellen. De ‘sterretjes’ is dat wat de hersenen ervan maakten. Licht is de adequate prikkel voor het oog.

Belangrijke termen


prikkel

Informatie uit de omgeving die als het in contact komt met een bepaalde zintuigcel een impuls veroorzaakt.

Zintuig

orgaan dat reageert op prikkels uit de omgeving.

Proeven

samenwerking reuk (neus) en smaak (tong)

Smaakpapillen

Zintuigcellen op de tong die door stoffen in voedsel worden geprikkeld. De zenuwen sturen deze informatie door naar de hersenen.

neusslijmvlies

Daar zitten zintuigcellen die op verschillende geuren reageren.

gewenning

De prikkeldrempel wordt hoger, je merkt de prikkel dan niet altijd meer. Zodra de prikkel sterker wordt, merk je het weer wel.